Kerstboodschap(pen), een klok en een klepel

“Mama, Jozef vraagt aan de engel of de koning boodschappen wil doen. En toen leefden ze nog lang en gelukkig.”

Mijn kleuter is praktisch aangelegd, wat boodschappen betreft. Ikzelf ook, dus heb ik de hele boel dit jaar online besteld en wordt het als het goed is dit weekend bezorgd. Vooral omdat niet extreem gemotiveerd ben om me in de kerstgekte van de supermarkt te begeven. Helemaal niet met een baby die eigenlijk moet slapen en een kleuter die van zichzelf alle snoeptomaatjes op kleur moet sorteren voordat ze ook maar een stap verder zet.

Eerlijk gezegd was ik niet zo met kerst bezig. Ik zit nog een beetje in de ik-ben-al-bij-als-ik-de-dag-heelhuids-doorkom fase na de geboorte van onze jongste. Maar toen kwam de onvermijdelijke vraag: “Wie eet waar en wanneer en wie gaat dat dan klaarmaken?” Gelukkig hebben we (wat dat betreft) niet zo’n ingewikkelde familie, dus het was snel besloten. Ook worden er geen torenhoge eisen aan mijn culinaire vaardigheden gesteld en ik hoef zelfs geen nette, nieuwe kleren aan.

Wat spannend!

Maar de kleuter gaat tegenwoordig naar school, en zoals ik ook al met Sinterklaas merkte: ze gaat helemaal op in het verhaal. Het is jingle bells voor en na, en ik hoor flarden tekst voorbijkomen over herders, Bethlehem en dus boodschappen. Tijd om de geloofsopvoeding maar eens serieus te gaan nemen, dacht ik. Dus tijdens het in elkaar zetten van de Dick Bruna Kerststal (want: klassieker!), probeerde ik zo goed en kwaad als het ging het kerstverhaal uit te leggen. “We vieren een feestje, want Jezus is geboren.” Haar reactie: “Is Jezus geboren? O wat spannend!” En vervolgens: “Hij moet een flesje drinken, net als baby Silke.”

Down to earth

Ik hou het dit jaar maar eenvoudig. En ook al weet ik dat van de traditionele vertelling van het verhaal, met os en ezel en een besneeuwd kersttafereeltje, waarschijnlijk weinig klopt, ik kan ook moeilijk aan gaan komen met woorden als incarnatie en verlossing. Toch doet het iets met me. Haar pure enthousiasme en praktische denkvermogen. Met haar voorstel om Jezus een flesje te geven denk ik na over hoe onromantisch het hele gebeuren geweest moet zijn. Een nachtelijke bevalling, een haastig geimproviseerd wiegje. Lukte het Maria meteen om borstvoeding te geven of had ze hulp nodig? Was Jezus een huilbaby? Liep ze meteen over van de warme moedergevoelens, of was ze vooral bezig met overleven? God als baby. Het is zo down to earth, letterlijk,  dat het bijna als heiligschennis klinkt.

Misschien is dat wel wat me juist het meest aanspreekt. God met ons. Eerst liggend in kriebelig stro (of ‘strooi’, zoals in dat liedje), later met de voeten in het stoffige zand, uiteindelijk met armen en benen aan een splinterig kruis. Een kwetsbaar kind, een menselijke Messias.

God dichtbij

Een lieve vriendin in een moeilijke situatie zei pas: “Soms heb ik het gevoel dat mijn gebeden niet verder komen dan het plafond. En dan realiseer ik me ineens weer dat dat ook niet hoeft. God is hier, bij mij.”

Ik weet nog niet precies hoe, maar dat wil ik mijn kleuter meegeven. Dat God nooit ver weg is. Dat ‘baby Jezus’ groot en sterk genoeg is om jou te kunnen dragen.

Toen ik net een foto van de kerststal maakte, zag ik dat ze inmiddels een van de drie wijzen vakkundig heeft vervangen door een lichtgevend sneeuwpopje. Het zal nog wel een duren, met die klok en die klepel. Dus vooralsnog zingen we vooral uit volle borst – als ik mag meezingen van haar: “Luid klokjes klingelingeling, laat de boodschap horen. Jezus is geboren!”

Deel dit:
Share