IMG_5133

Inspireren moet je leren

Al zo’n vier dagen was ik bezig met een blog. De enigszins grappige maar toch ook een beetje serieuze inleiding was al af. En dan nu de diepte in…

Maar waar ik meestal geen probleem heb om mijn gedachten op papier – of beter: het scherm – te krijgen, bleef ik nu steken. Een writers block wil ik het niet noemen. Ik ben niet bezig met een roman ofzo, en heb ook geen deadline of andere veeleisende toestanden. Alleen, ik kon geen woorden vinden voor mijn gedachten en gevoelens. En als je schrijft, zijn woorden toch best essentieel.

Het was zo’n blog die moest gaan over allerlei nieuwe inzichten en ontdekkingen, zo eentje waar ik probeer kwetsbaar en open te zijn, maar ook hoop te geven en de situatie van een afstandje te bekijken. Met wellicht een grappige knipoog ergens tussendoor. Het soort blog dat ik zelf ook graag lees.

Terwijl ik wat ik tot nu toe had deelde met mijn liefhebbende echtgenoot, realiseerde ik me ineens iets: dit is geen blogtekst. Dit moet gewoon in mijn dagboek. Het is nog niet af. Het is té open en té kwetsbaar. Zoals ik weleens iemand hoorde zeggen: emotioneel incontinent. Geen diepe geheimen ofzo hoor, maar gewoon wat dingen die ik eerst eens moet herkauwen in plaats van meteen de wereld in slingeren. Sorry als je daar nu een iets te grafisch beeld bij hebt…

Een van mijn bloghelden, Glennon Doyle Melton, schrijft:

“Mijn boek ‘Love Warrior’ is heel persoonlijk, maar het is geen dagboek (…) Hoe kan ik mijn persoonlijke verhaal universeel maken? Ik zeefde mijn eigen pijn en zocht naar stukjes goud om te delen met anderen. Als we in realtime onze persoonlijke verhalen delen kan het voor lezers meer voelen als een schreeuw om hulp dan een bewezen dienst. Je moet durven stilzitten met je pijn voordat je die kan delen en het gebruiken om anderen een dienst te bewijzen en verbinding te zoeken met onbekenden.”

Wat ze volgens mij bedoelt is dat je beter kunt schrijven vanuit een litteken dan vanuit een open wond. Een gedachte die zij overigens weer heeft van Brene Brown, of Anne Lamott of Nadia Bolz-Weber. En ja, die namen noem ik expres, want dat zijn allemaal mensen die enorm het lezen waard zijn. Graag gedaan.

Ik vind dat een inspirerende gedachte. Sommige inzichten of kwetsbaarheden zijn enorm het delen waard. Omdat anderen zich erin kunnen herkennen en zich dan gezien of gehoord voelen. Of omdat je mensen ermee kunt raken, vermaken, hoop geven, hun dag een beetje mooier maken. Maar het verschil tussen het ongemakkelijke gevoel dat je iemands onverwerkte pijn lees als in een dagboek, of dat je weer een stapje verder kunt omdat je ziet dat je niet alleen bent, zit hem niet in de woorden zelf. Inspireren moet je leren. Het zit hem in het moment van schrijven en de ‘state of mind’ van de schrijver.

Dat ben ik dus aan het leren. En die blog? Die komt er ooit wel, wacht maar af. Maar eerst gewoon met pen op papier. En dan een tijdje in mijn hart. Het wereldwijde web kan wel even wachten.

 

p.s. Stiekem is de hele reden voor deze post het onderstaande filmpje. Omdat het briljant is en ik vind dat iedereen het moet zien. Enjoy!

 

22519928_10155017430386867_2150364295343416324_o

Geen woorden

Vandaag ben ik verdrietig. Voor vrienden die hun premature kindje gisteren verloren. Voor een vriendin die haar premature kindje vorige week verloor. Omdat het niet eerlijk is, omdat het hartverscheurend is. En tegelijk ben ik blij, omdat ik langer dan 3 uur geslapen heb vannacht, omdat ik mijn baby met krampjes heb kunnen troosten, omdat ik een wandelingetje in de zon kan doen en een kopje koffie kan drinken.

Het bestaat naast elkaar en is allebei waarheid. En dat is flink verwarrend. Ik kan geen woorden vinden om mijn lieve vrienden te troosten en tegelijk probeer ik woorden te geven aan mijn eigen gevoel.

Ik probeer de laatste tijd mijn kleuter emoties te leren benoemen. Bang, blij, boos, verdrietig. En hoe dat eruitziet. We hebben ‘dapper’ toegevoegd aan het lijstje. Dat voel je niet, dat dóe je. Dapper zijn is kleine gelukjes vieren ondanks je verdriet. Is kiezen om geduldig te blijven ondanks je boosheid. Dapper is ruimte innemen voor jezelf ondanks je onzekerheid of angst. En hoe dat eruitziet?

Vandaag ziet dapper eruit als een mama met wallen onder haar ogen van het huilen, het ruikt als frisgewassen haar en Zwitsal, en het smaakt als caffe latte in de zon. Vandaag ben ik bang, blij, boos, verdrietig én dapper.

silke

Dapper

Daar ben ik weer. Na een nogal lange tijd van afwezigheid. Ik had andere dingen te doen, zoals zwanger zijn, moe zijn, al het mogelijke doen om een iets te kleine baby groot genoeg te laten worden (wat in de praktijk dus neerkomt op veel pillen slikken en juist heel weinig doen). En nu is ze er dus. Onze Silke Julia. Zo’n twee weken geleden geboren in heel andere omstandigheden dan de heftige crisis waarin Evi een paar jaar geleden ter wereld kwam. Volgens mij waren mijn eerste woorden na de – geplande – keizersnee, behalve “Wow, daar is ze dan” en een paar snikken en tranen: “Zo kan het dus ook!”

Ik ben hevig verliefd op dit meisje, en ook op haar naam. Silke heeft eigenlijk twee betekenissen . Het hangt er een beetje vanaf of je voor de Duitse of de Friese variant gaat. Het betekent namelijk zowel ‘hemels’ als ‘overwinning’. En pragmatisch als we zijn, hebben mijn man en ik besloten dat het dus gewoon een combi is, en dat deze pittige kleine dame een hemelse overwinning is. Een soort statement naar de wereld toe: samen met God durfden we dit avontuur aan te gaan, en hoe spannend het ook was – en is – samen met God vieren we dat we een gezond kindje hebben, en niet onbelangrijk: een gezonde mama.

Toen ik 27 weken zwanger was had ik een heel raar en dubbel gevoel. Evi werd geboren met 27,2 weken zwangerschap. Dit was de mijlpaal der mijlpalen. Alles na de 27 weken was nieuw, anders, elke dag erbij een mini overwinning. Ik grapte weleens dat ik juichend alle kwaaltjes voor lief nam. En daar moest ik mezelf, kijkend naar mijn dikke voeten die niet eens meer in mijn slippers pasten, of wakker van het brandend maagzuur, af en toe even flink aan herinneren.  In die week las ik toevallig (helemaal niet toevallig natuurlijk) Psalm 27, waar in de Engelse variant heel mooi staat “I will see the goodness of the Lord in the land of the living.” Dat was mijn houvast, en bleef het tot die mooiste mijlpaal van 39 weken zwangerschap: de geplande geboortedatum van Silke.

En toch is het ook pittig. Dacht ik dat ik tijdens de zwangerschap moe was, dan is het nu ongeveer honderd keer zo heftig. Ik zag er zo naar uit om alle eerste keren te ervaren: een gezonde baby na een paar daagjes bijkomen in het ziekenhuis gewoon mee naar huis nemen, meemaken dat de baby zelf wil drinken, een week lang kraamzorg, het eerste wandelingetje na de keizersnee samen met baby en kleuter naar de speeltuin (in plaats van in een rolstoel van het Ronald McDonaldhuis naar het ziekenhuis gebracht worden om even te mogen knuffelen, als ik geluk had). Ongeveer dagelijks vraag ik me af: ‘Hoe dóen mensen dit in vredesnaam!?’ Hormonen die van gekkigheid niet weten waar ze heen moeten, tranen met tuiten, meer onzekerheid dan al mijn examens ooit bij elkaar. Wat nou roze wolk?

Stapje voor stapje leer ik voor dit kleine mensje zorgen. Ik leer door wat ik mezelf hoor zeggen tegen Evi. Die stoere kleuter die begin van dit schooljaar voor het eerst naar school ging. Dat vond, en vindt, ze soms supereng. Maar ze gaat, en komt meestal stralend – en doodmoe – thuis. Regelmatig zeg ik tegen haar: “Als je bang bent, moet je soms dapper zijn.” We hebben haar al vanaf dat ze kon praten ons mantra geleerd: “Evi is sterk, stoer en dapper.” Een soort eigen variant op die mooie quote uit The Help, “You is kind, you is smart, you is important.”

De afgelopen jaren heb ik volop de kans gehad om te leren dat dapper zijn niet betekent dat je niet bang bent. Het betekent niet dat je niet kwetsbaar bent, of onzeker. Het betekent dat je jezelf laat zien. Dat je ondanks de angst een stap in de goede richting durft te zetten.  Zoals Evi soms met knikkende knieën naar school gaat (niet dat ze de keuze heeft om thuis te blijven, maar toch…) en al liedjes zingend weer thuis komt, zo ga ik ook met knikkende knieën dit nieuwe moederschap tegemoet. En met wallen onder mijn ogen. Maar die schijnen erbij te horen.

Misschien tijd voor een Moedige Mama’s serie 2? Dan doe ik bij deze zelf de aftrap…

 

 

603256_501522903215146_836184365_n

Nooit meer een killer body – een blog voor World Pre-Eclampsia Day

Vanochtend opende ik in een onbewaakt ogenblik ergens tussen ontbijt en werk mijn facebook account – ik vergeet namelijk steeds dat ik die eigenlijk van mijn telefoon wilde verwijderen.

Nog voor ik goed en wel met mijn ogen kon knipperen, verschenen er drie artikelen op mijn schermpje. Iets over of ik al bikini-proof ben, een artikel over World Pre-Eclampsia Day, en een betoog over het wel of niet willen hebben van een killer body. Lekker begin van de dag, met mijn broodje hagelslag net achter de kiezen.

Ik ben vast niet de enige die het opvalt dat er wel érg veel artikelen over het vrouwelijk lijf gaan. Hoewel het vast iets te maken met mijn instellingen en cookies (letterlijk en figuurlijk), dus wellicht verraadt het vooral wat mij blijkbaar bezighoudt. Oeps.

Bikinilijf

Over dat bikinilijf kan ik kort en krachtig zijn. Ik heb vorige week net een heuse tankini besteld bij de Wehkamp. Toen ik hem vers uit de verpakking voor me hield dacht ik vooral: “Ik hoop dat hij niet past, want mán wat moet je voor dit bikinibroekje blijkbaar een reusachtig achterwerk hebben.” Uiteraard paste het perfect en stond het nog leuk ook. Ik heb er overigens wel een flinke buik in. Maar dat kan ook te maken hebben met het feit dat ik 22 weken zwanger ben, en dat zo’n buik er dan min of meer bij hoort. Het heeft ook wel iets comfortabels inmiddels. Ik ben voorbij de ongemakkelijke fase waarin mensen zich afvragen of die prachtige rondingen komen door grote hoeveelheden pizza en chocola, of dat er sprake is van eh, verzachtende omstandigheden. Maar goed, ik zou kort en krachtig zijn: ik heb een lijf. En ik heb een bikini. Dus dat bikinilijf: check.

Wat me meer raakte was het zoveelste discussie artikel over dat killer body. Ik dacht eerlijk gezegd dat de hype alweer een beetje over was. Dat we met z’n allen hadden besloten dat een perfect strak lichaam, onwaarschijnlijk veel sporten en hopeloos weinig calorieën eten niet het belangrijkste in het leven was. Maar toch steekt het nog af en toe de kop op. En toen ik de term killer body las in hetzelfde schermpje als het artikel over World Pre-Eclampsia Day werd ik ineens even heel boos.

HELLP!

Misschien zeggen  de termen pre-eclampsie of HELLP syndroom je niet veel. Dat kan zelfs heel goed en is juist een van de redenen dat er een speciale dag is uitgeroepen om ze onder de aandacht te brengen. We hebben het hier namelijk over een bijzonder heftige zwangerschapscomplicatie, die zo’n 1 op de 20 zwangere vrouwen treft. Vroeger was pre-eclampsie ook wel bekend als zwangerschapsvergiftiging (eng woord hè?),  een combinatie van factoren die ervoor zorgen dat zowel de moeder als de baby ernstige risico’s lopen. Het kan alleen optreden, of overgaan in het HELLP syndroom. Als je daar meer over wilt weten, kijk vooral even hier:

 

 

 

Tijdens mijn vorige zwangerschap werd ik er, omdat ik de symptomen niet herkende en mijn omgeving en zelfs de verloskundige eigenlijk ook niet, met 27 weken door overvallen. Van de ene op de andere dag was ik doodziek, en voor ik het wist lag ik in een ambulance richting een academisch ziekenhuis. Nog geen 12 uur later was mijn dochter er – ze moest wel geboren worden, omdat ik het zelf anders niet had overleefd. De nasleep was heftig en duurde lang. Het is nogal een combinatie om zelf zo ziek te zijn en daarnaast een piepkleine premature baby te hebben die maandenlang in het ziekenhuis moet blijven en ook daarna nog flink wat uitdagingen voorgeschoteld krijgt.

Pech gehad?

En nu ben ik dus weer zwanger. Het is niet toevallig dat het 4 jaar duurde voor ik het weer aandurfde. Terugkijkend was het rond deze termijn dat ik ziek begon te worden. Maar zoals ik al schreef, ik had het zelf niet echt door. Ik dacht gewoon dat ik pech had dat de misselijkheid nooit overging. Dat migraine af en toe gewoon voorkwam. Dat ik misschien toevallig een paar keer achter elkaar iets had dat voelde als griep. Ik dacht dat het een kwestie van jammer was dat mijn buik niet hard groeide maar mijn gezicht wel opzwol. Gelukkig ervaar ik nu niks van dat alles – en word ik enorm in de gaten gehouden door allemaal witte jassen die samen met mij willen voorkomen dat ik nog een keer door zo’n hel moet.

Liever leven

Ik had letterlijk een killer body. Een lijf dat vocht tegen zichzelf, en tegen het lieve kleine meisje dat tegen alles in probeerde te groeien en te overleven. Een lijf dat het bijna niet gered had, en na die heftige ervaring ook nooit meer helemaal ‘de oude’ is geworden.

Vanochtend wist ik het ineens: ik wil nooit meer een killer body. Ik wil juist een lichaam dat leven gééft. Ik wil een veilige omgeving zijn voor het meisje dat ik nu zachtjes voel schoppen. Een lijf als thuis voor een nieuw leven dat nog helemaal tot bloei mag komen. En als ze er eenmaal is, wil ik dat datzelfde lijf nog steeds voelt als een veilige thuishaven. Liever lief en zacht, mooi en mama.

Ik wil leven, knuffelen, stoeien, borstvoeding kunnen geven, genieten en mét een paar rondingen die extra goed uitkomen in zo’n leuke bikini. Of gewoon een fleurig zomerjurkje. Vanaf vandaag ga ik voor een nieuwe term: een leeflijf.

18275087_1902847839992404_7759935407835201248_n

Hoera voor een nieuw project!

Het is even een tijdje stil geweest hier. Dat is niet helemaal toevallig. Ik was namelijk (en ben nog steeds) bezig met een ander project dat flink veel energie kost, maar hopelijk heel wat oplevert.

Ik noem het: ‘baby nummer 2’.

Wie mijn blogs soms volgt, weet misschien dat mijn eerste zwangerschap erg pittig was, dat ik ziek werd en Evi veel te vroeg werd geboren. Daarom is het nu extra spannend en word ik in het door allemaal mensen met witte jassen nauwlettend in de gaten gehouden. Dat is ook de reden dat we even gewacht hebben met een grootse aankondiging: eerst was er tijd nodig om te wennen aan deze zwangerschap, wat vertrouwen te krijgen en heel veel te slapen (écht veel te slapen).

Nu ik zo’n 20 weken onderweg ben en het absoluut niet meer kan verstoppen mag iedereen het weten, en probeer ik af en toe weer wat te schrijven. Hoef ik ook niet meer bang te zijn dat ik in een blog mijn ‘mond voorbijpraat’…

Intussen verdiept Evi zich in de bibliotheek vast in haar huiswerk voor de komende tijd.